Home >> Jeugd en Jongeren >> Verhalen >> Uit onverwachte hoek
PDF Afdrukken E-mail

Uit onverwachte hoek

‘Als je toch langs het winkelcentrum komt, kan je dan nog even appels voor me meenemen?’ vraagt moeder. ‘Straks zijn de winkels dicht’. ‘Geef maar geld’, zegt Leo. ‘maar ik ga wel daarna eerst trainen. Ik neem al mijn spullen alvast mee. Ik geef de appels pas als ik terugkom’. ‘Goed hoor’, zegt moeder. ‘Ik heb ze toch nog niet meteen nodig’.

Leo heeft haast. Hij pakt zijn tas en het geld stopt hij in zijn broekzak. Hij haalt zijn fiets uit de schuur en racet naar het winkelcentrum. ‘Als ik maar niet lang hoef te wachten’, denkt hij. In het winkelcentrum gooit hij zijn fiets tegen een lantarenpaal en loopt de winkel in. Gelukkig het valt mee. Er zijn maar twee mensen voor hem. Met de zak appels komt hij weer buiten. Hij loopt naar zijn fiets. Van schrik blijft hij staan.’Zijn tas, waar is zijn tas…Hij had zijn tas toch bij zich? Hij loopt de winkel weer in. Geen tas. Zijn hart klopt in zijn keel. Zijn dure spullen. Hij heeft de tas vast thuis laten staan. Maar toch… Leo gaat terug naar huis. Hij gooit de appels op de keukentafel. ‘Heb je mijn tas gezien?’ roept hij. ‘Je had hem bij je’, zegt moeder. ‘Vast gestolen’, roept Meike uit de kamer. ‘Je hebt hem vast aan je stuur laten hangen. Er loopt van alles door het winkelcentrum’. Leo ploft op een stoel neer. Zijn training kan hij nu wel vergeten. ‘Die stomme appels ook’, moppert hij, ‘wat moet ik nu doen?’ ‘Je had beter op moeten letten’, moppert moeder. ‘Nou ja, niets aan te doen. Dan gebruik je je oude spullen nog maar voor de training’. ‘O balen’, roept Leo, ‘mijn portemonnee en mijn mobieltje zitten er ook in en mijn agenda. Nu weet ik niets meer’. Leo barst bijna in huilen uit.

Dan gaat de bel. ‘Doe eens open?’ roept moeder naar Meike. Meike kijkt voor ze opendoet altijd wie er voor de deur staat. Er staan een man en een vrouw. De vrouw heeft een hoofddoek om. “Het zijn Turken’, roept Meike. ‘Ik doe niet open, hoor’. Weer wordt er gebeld. Moeder doet open. ‘We hebben niets nodig’, zegt ze en wil de deur al weer dichtdoen. De man houdt een tas omhoog. ‘Is van jullie?’ vraagt hij. Moeder krijgt een kleur. ‘Lag op straat. Wij dachten voordat hij gestolen wordt…’. Leo komt aanlopen. Hij herkent zijn tas. ‘Kom even binnen’, zegt moeder. ‘Wilt u iets drinken?’ ‘Nee, nee, wij gaan meteen weer verder’. ‘Nou in ieder geval erg bedankt’, zegt Leo. ‘Wij dachten zo’, zegt de vrouw, ’als het bij ons zou gebeuren zouden wij ook blij zijn…’. Leo kijkt in zijn tas. Alles zit er nog in. Hij haalt wat geld uit zijn portemonnee. Hij wil het aan de man geven, maar die schudt zijn hoofd. ‘Niet nodig’, zegt hij. ‘Goedenavond’.

Bron:    Uit de methode voor kinderdienst Bonnefooi.

Laatst aangepast op zondag, 19 september 2010 10:06