R.K. Parochie H. Eligius Schinveld

Beeldvorming geeft beperkingen

In mijn middelbare schoolperiode was een leraar die ons niet bij onze naam noemde, maar naar de plaats waar je vandaan kwam. Het was een naamgeving, maar tamelijk breed uit te leggen. Mensen uit een bepaald dorp of stad kunnen gemeenschappelijke kenmerken hebben, maar ieder heeft ook zijn eigen persoonlijke kenmerken en krachten. Bovendien speelt in een dorp dat men elkaar zo goed kent dat men vaak blijft hangen in een bepaalde beeldvorming uit een bepaalde periode. Men doet geen recht aan ontwikkelingen, die iemand heeft meegemaakt waardoor je in een andere positie gekomen bent.
Toen Jezus de synagoge binnenging van zijn jeugdjaren bleef Hij de jongen uit hun dorp: de timmerman, de zoon van Jozef en Maria. Hij had geen verdere opleiding gehad. Toen ze Hem hoorden spreken wisten ze niet wat ze daarmee aan moesten. Was het echte wijsheid, waarmee Hij sprak. Of was het een soort fantast met mooie woorden? Ze konden ze zich niet voorstellen dat deze Jezus in staat was om wonderen te verrichten. Ze konden Hem niet zien als de Zoon van God. Daardoor was geloven in Hem anders dan bij anderen. Hij kon helaas niets voor hun betekenen.
Ook wij ervaren dat wij niet tot ons recht komen wanneer mensen menen dat ze ons goed kennen. Een moeder en vader zijn trots op hun kind wanneer het wat bereikt heeft in het leven. Maar het blijft hun zoon of dochter. Het erkennen van hun kennis en deskundigheid wordt door hun anders beleefd. Zeker wanneer men blijft hangen in het beeld van vroeger is het moeilijk om volwaardig met elkaar te communiceren. Wanneer je dat beeld loslaat kun je veel voor elkaar betekenen. Dit geldt ook voor het beeld van Jezus dat mensen uit hun jeugd meekregen. Wanneer je meegroeit bij het geloof in Hem, kun je Jezus ervaren als een groot geschenk.