R.K. Parochie H. Eligius Schinveld

Geen tijd of alle tijd

Wanneer er iets gedaan moet worden zijn er altijd mensen die nooit tijd hebben. In alle lagen van de samenleving vinden wij hen terug. Hun agenda kent veel ruimte, maar hart voor de ander kennen zij niet. Anderen daarentegen maken tijd en zie je in een oudercomité, liturgiegroep, oud-papiergroep enzovoort. Ze nemen tijd om zich op velerlei terreinen in te zetten, mee te praten en mee te doen aan allerlei activiteiten. Ze voelen het als een plicht om bij te dragen aan een menselijke samenleving. We moeten op elkaar kunnen rekenen.

Jezus spreekt over God die mensen uitnodigt op het feest van zijn Zoon. Mensen van het uitverkoren volk die het eerst uitgenodigd worden, laten het afweten. Zij hebben geen tijd om aan het feest van de hemelse Koning deel te nemen. Er zijn allerlei uitvluchten zoals het werken op het land of zakendoen en geld verdienen. Er is teleurstelling bij de Koning omdat de vrienden het laten afweten. Omdat het jammer is om het voedsel, dat bereid is, weg te gooien, krijgen de knechten de opdracht iedereen uit te nodigen die men maar tegenkomt. Er is één voorwaarde. Je moet bekleed zijn met het geloof in de nieuwe mens en gericht zijn op de Heer. Het kleed verwijst naar het doopsel. Niet alleen maar nemen wat je krijgen kunt, maar vertrouwen op degene die hen genodigd heeft.  
Een aantal vinden het moeilijk om aandacht te hebben voor de ander. Zij zijn present als ze zelf wat mogen doen, maar wanneer de ander wat presenteert is daar niet veel aandacht voor is. Toch ontstaat juist in het ontvangen van wat de ander ons aanbiedt aan gebed, zang, muziek en kunst, een levendige geloofsgemeenschap. Anderen laten delen in onze gaven brengt mensen bij elkaar, maar ook delen in de gaven van de ander brengt mensen bij elkaar. Blij zijn met Gods Zoon, die naar ons toe gekomen is, verdiept de vreugde van elke eucharistie.