R.K. Parochie H. Eligius Schinveld
Graag uitvoeriger met elkaar in gesprek komen, dat is mijn wens.
 
H.S.J. (Huub) Adema,
pastoor

Mag ik me aan u voorstellen

Mag ik me aan u voorstellen

Ik werd geboren op 14 maart 1949 te Klein Doenrade (gemeente Oirsbeek) Op twaalfjarige leeftijd (1961) ging ik naar het Sint Brocarduscollege (kleinseminarie van de paters karmelieten te Merkelbeek). Toen de karmelieten in 1967 uit Merkelbeek vertrokken nog een jaar naar het kleinseminarie St. Alberti te Zenderen (Overijssel), waar ik de middelbare school afsloot met het gymnasium.
Daarna werd ik kandidaat-karmeliet in het klooster op de Doddendaal te Nijmegen en begon de theologie-studie aan Universiteit van Nijmegen. Nijmegen beleefde een roerige tijd van anti institutionalisme, antiklerikalisme, vertrouwde normen en waarden loslaten en experimenteren op velerlei gebied. Hoorcolleges verdwenen en projectonderwijs kwam daarvoor in de plaats. Binnen de kloosters veranderde het een en ander door hergroepering en nieuwe vormen van religieus leven. Vele priesterstudenten maakten een nieuwe keuze en vertrokken. Voor mij bleef priester worden belangrijk en in de Karmel kreeg ik de ruimte om in 1970 de overstap te maken naar de Hogeschool voor Theologie en Pastoraat terwijl ik toch bij hun bleef horen. De opleiding was wat klassieker, maar de hoorcolleges bevatten goede informatie over wat je in de parochie nodig had. Tot op de dag van vandaag pluk ik hier nog de vruchten van. Niet alleen de theologische vakken kregen ruime aandacht, maar ook de gedragswetenschappen. Het persoonlijk contact met de docenten was ongedwongen en zij waren betrokken op het wel en wee van de studenten. Ook de dagelijks eucharistieviering ontbrak niet. Ik woonde bij mijn ouders in Oirsbeek en nam deel aan het leven in het dorp. Zo werd ik lid van de harmonie St. Gerlachus. Iedere dag ging ik met de bromfiets naar de H.T.P. te Heerlen. In 1971 sloot ik onder leiding van prof. Dr. Kahman met een scriptie over een vergelijkende studie van de vier evangelies over het stillen van de storm op het meer het baccalaureaatsexamen in Nijmegen af. Daarna ging ik verder met de doctoraalopleiding. De pastorale stage was in de St. Servaasparochie te Maastricht 1972 tot 1974 en ook toen was samenwerking tussen verschillende parochies van de binnenstad aan de orde.  Het was een leerzame tijd. De polarisatie begon met de komst van bisschop Gijsen en als student voelde ik me vaak speelbal tussen verschillende personen. In 1975 werd de studie afgesloten  met een doctortaalexamen in de pastoraal theologie te Nijmegen onder begeleiding van professor Manders die veel voor mij betekende. De doctoraalscriptie ging over de vraag of je ouderen binnen de parochie moet behandelen als een aparte categorie of moet zien als een onderdeel van de hele parochie. Deze vraag werd benaderd vanuit de pastoraal theologie, de pastoraal psychologische en de sociologie. 
Bij het afstuderen koos ik voor het priester worden van het bisdom Roermond en ging een jaar naar Regensburg. In huis werden lessen gegeven voor het iuris-dixi examen. Er was een hartelijke sfeer. Ik genoot van de Regensburger Domspatzen, het uitstapje naar Wenen, het volgen van gastcolleges van de exegeet Mussner en van de boeken van Goldbrunner. In april 1976 was de diakenwijding te Rolduc en op 9 oktober 1976 de priesterwijding in de kathedraal van Roermond. De eerste mis in Oirsbeek was een feestelijk gebeuren. Pater Manders was de predikant. Mij is bijgebleven de zin: de gelovigen zitten hier voor ons. Hiermee gaf hij aan dat daar het geloof concreet gestalte krijgt. Als priester heb je hun nodig om de kerkgemeenschap op te bouwen en niet andersom.

De eerste parochie was de Michaelparochie in 1976 te Herten, Merum en Ool. Voor een deel was ik werkzaam in de parochie en daarbij gaf een aantal catecheselessen op  de Mavo in St. Odiliënberg en later op de scholengemeenschap St. Ursula te Horn. Na vier jaar volgde een benoeming tot kapelaan in de St. Joseph-parochie te Weert waar catechese op diverse basisscholen behoorde tot takenpakket. Hier werd ik ook  lid van de harmonie St. Joseph te Moessel-Keent. Drie jaar later volgde de benoeming tot pastoor in de Goede Herder-parochie te Weert, waar de blaaskapel Eige Wies werd opgericht, waar ik deel van uitmaakte en speelde voor goede doelen. Ook een kinderkoor en later een meisjeskoor kwamen van de grond om de gezinsmissen te ondersteunen. In 1987 werd ik pastoor in Roggel. Hier werd voor het eerst de eerste communie en vormsel-voorbereiding in gang gezet. Tijdens een aardbeving werd grote schade aangericht in de parochiekerk. Het herstel was een leerzame ervaring. Bij een gebouw zie je groei. Bij een parochiegemeenschap is dat niet altijd het geval. In 1994 werd ik pastoor van drie parochies in Roermond: Maasniel, Leeuwen en Asenray. Niet consequent zijn in het clusteren en andere onvoorziene zaken leidden ertoe dat ik in 1996 mijn ontslag aanbood. 

Na 20 jaar in Midden Limburg werd ik benoemd in september 1996 tot pastoor van de Eligiusparochie te Schinveld met twee kerken. In 1997 werd ik gevraagd om lid te worden van het op te richten seniorenorkest onder leiding van Jo Joosten. Inmiddels is dit uitgebreid tot ongeveer veertig spelende leden waarvan nu Jo Savelkoul dirigent. Ook voor het dekenaat vervulde ik de functie dekenaal secretaris. Zo maakte ik deel uit van het dekenaal bestuur en dekenale raad. Daar kwam ook het lidmaatschap bij van de Dekenale Gregoriusvereniging en het overleg tussen Heerlen, Kerkrade en Brunssum. De catechese kreeg binnen de parochie bijzondere aandacht. Eerst op school en later werd de voorbereiding vanuit de parochie opgezet en uitgewerkt. Op de ouders werd nu een groter beroep gedaan. In 1999 kwam de benoeming tot pastoor van de H. Clemensparochie te Merkelbeek. Daarom werd de Pius X kerk aan de eredienst onttrokken. Langzaam drong het besef door dat meerdere parochies een priester met elkaar moeten delen. Gewerkt werd aan de voorbereiding van grotere parochieverbanden. Zo ontstond het cluster Onderbanken, waar de parochies Schinveld, Merkelbeek, Bingelrade en Jabeek in participeerden. Groeien naar samenwerking is geen gemakkelijk proces. Het los laten van het oude en het werken aan nieuwe verbanden vraagt veel van mensen. Helaas stokte dit proces toen in Bingelrade en Jabeek een nieuwe pastoor kwam. In 2005 vond een grote restauratie van de kerk van Merkelbeek plaats en de lichte kleuren gaven een grotere uitstraling aan het gebouw. Omdat het aantal priesters in het dekenaat Brunssum nog maar uit vier priesters bestond werd het dekenaat opgeheven in 2009. De parochies in Onderbanken gingen naar het dekenaat Schinnen Brunssum naar dekenaat Heerlen. Er lagen veel verwachtingen bij deze aansluiting. Toch was er weinig ontwikkeling in de voortgang van samenwerking ofschoon de persoonlijke verhoudingen met de priesters goed was. Ieder bleef baas op eigen terrein. De toenmalige deken hield alles bij het oude. Wel ontstond er een samenwerking tussen de pastoors Houben uit Oirsbeek en Adema en in  de vier parochies werd beurtelings door iemand van ons de mis gedaan. In 2018 kreeg deken Schreurs eervol ontslag. Dit viel samen met het vertrek van bisschop Wiertz. In die periode werd ik aangewezen door de vicaris generaal om deze taken tijdelijk op me te nemen tot er een opvolger kwam. Het leiden van dekenaatsbestuur, dekenaal financiële commissie, pastorale raad en dekenale raad was een nieuwe ervaring. Ook kwam een theologiestudent Stephan van de Hogeschool in Ede in 2018 in onze parochie stage lopen. Hij nam de catechese van eerste communie en het vormsel voor zijn rekening en had van meet af aan met de kinderen een goed contact. De onderwijsopvattingen van deze tijd kwamen in de bijeenkomsten goed aan bod. Het gaf ook een nieuwe impuls aan onze parochies. Wat het dekenaat betreft vond ik het belangrijk om de mensen tot hun recht te laten komen met hun opvattingen en inzichten. Er werd gewerkt aan een nieuwe samenwerkingsstructuur van negen parochies: Schinnen, Oirsbeek, Doenrade, Puth, Amstenrade, Jabeek, Bingelrade, Merkelbeek en Schinveld. Er werden ook lijnen uitgezet om de negen parochiekerken te behouden, parochianen meer in te zetten om hun eigen kerkgemeenschap te dragen. Naast eucharistievieringen ook mogelijkheden voor andere initiatieven te scheppen, de financiële lasten gezamenlijk te dragen en een pastoraal team in te zetten voor de negen parochies.

In maart 2019 kwam het bericht dat J. Honings benoemd werd tot nieuwe deken van Schinnen. Zijn huisgenote kwam met hem mee en zou de catechese voor de negen parochies verzorgen. Op basis daarvan waren de parochies bereid ook de financiële lasten voor haar te dragen. Het duurde tot september tot hij daadwerkelijk geïnstalleerd werd. Het pastoraal team bestond uit ondergetekende en pastoor deken Honings. Hij was kerkjuridisch de pastoor van de parochies Schinnen, Puth, Amstenrade en Oirsbeek en ik van Merkelbeek, Schinveld, Jabeek, Bingelrade en Amstenrade omdat deze laatste al een federatie vormden. Jammer genoeg liep deze samenwerking op niets uit. Beloftes werden niet ingelost en zo genaamd ongewenste personen moesten het veld ruimen. Het bracht heel wat verstoorde verhoudingen met zich mee. Uiteindelijk besliste het bisdom dat het cluster in twee nieuwe clusters werd opgesplitst. De vicaris generaal verwoordde het als volgt: de spanningen zijn dusdanig dat er geen gezonde werksituatie is en daar ook geen uitzicht op is. Dit werkt ook negatief door naar de parochies. Daarom heeft de bisschop besloten om het cluster op te splitsen. In mijn vijf parochies wordt nu gewerkt aan een groeiende samenwerking. Wij mogen rekenen op een aantal priesters die in de weekendvieringen komen helpen. De overtuiging groeit dat priesters niet meer alles kunnen en niet meer overal aanwezig kunnen zijn. De parochiekerken in stand houden betekent dat mensen ter plaatse veel meer taken moeten overnemen en ruimte krijgen voor eigen initiatieven. Kerken sluiten en het geld opsouperen is een heilzame weg. Roeien tegen de stroom is uitdagend, maar ook vermoeiend. Inmiddels ben ik 72 jaar. Met veel plezier werk ik nog steeds in deze parochies met steun van een heleboel medewerkers waardoor wij veel voor elkaar kunnen betekenen. De parochies kennen een rijk verenigingsleven en daar heeft de Kerk ook goed contact mee. Helaas is dit alles door de coronaperikelen stop gelegd. Het zal een hele kunst zijn om de draad weer op te pakken, maar nieuwe uitdagingen dienen zich aan. Daar wil ik graag aan mee werken. Wilt u wat nader met mij kennis maken, dan is een telefoontje snel gepleegd en kunnen wij wat uitvoeriger met elkaar in gesprek gaan. Ik hoop dat deze website van onze parochie u een goede dienst kan bewijzen.