R.K. Parochie H. Eligius Schinveld

Preventief beleid

Er worden een aantal maatregelen getroffen om mensen in het gareel te houden. Bekend zijn op de weg de talloze verhogingen. Bij het overschrijden van een bepaalde snelheid merk je dat je lichtelijk een stukje uit de stoel wordt getild, van alles kraakt aan de carrosserie en ook de banden een flinke oplawaai krijgen. Daardoor leer je wel af om de volgende keer niet op de snelheid te letten. Daarnaast zien wij bij bepaalde deuren dat er een afbeelding te zien is van een hond die je onvriendelijk aankijkt met de tekst: “Hier woon ik”. Het is variant van de beveiliging. Je hoopt dat dit mensen afschrikt om de woning te betreden. Zo zijn er talloze voorbeelden te noemen die mensen moeten behoeden voor het kwaad

De Joden kenden ook wetten om mensen van het kwaad af te houden. Het grote raamwerk was de decaloog (de tien geboden) en daaraan werden een aantal kleinere wetten opgehangen. De uitdaging die hierin zat was dat je grenzen kon opzoeken wanneer je wel of net niet de wet had overtreden. Jezus vond de Wet heel erg belangrijk. Maar benadrukte daarbij ook wat achter de wet zat. In het voorschrift “gij zult niet doden” zit een veelheid van gedachten. Je maakt niet alleen mensen dood door de ander het leven te benemen, maar je maakt ook iemand dood wanneer je de ander negeert, pest of voortdurend op zijn fouten wijst. Dan is het dodelijk om werkelijk voluit te kunnen leven. Onenigheid kan dodelijk zijn voor het leven in een gemeenschap. Je bent zozeer bezig met conflicten dat je niet meer aan opbouwende zaken toekomt. Bovendien legt Jezus een verband tussen de liefde tot God en de liefde tot de medemens. Heel sterk benadrukt Hij dat een godsdienstige viering aan waarde verliest wanneer mensen in een religieus gebouw zich hemels voordoen, terwijl zij in het dagelijkse leven ver afstaan van God. Jezus noemt de trouw tussen mensen. Het plegen van echtbreuk begint al wanneer begeerten gevoed wordt en voorbij gegaan wordt aan respect voor de ander. Tenslotte gaat het over de betrouwbaarheid. Om iemand te kunnen geloven moet het afleggen van eden niet nodig zijn.  Daarmee geeft Jezus aan dat de wet ons niet kan afhouden van het kwaad, maar dat datgene, waardoor wij getrokken worden naar het kwaad, uit ons leven gebannen moet worden

Ons leven is steeds gecompliceerder geworden door allerlei wetten. Het lijkt steeds moeilijker te worden om normaal met elkaar om te gaan. Vaak zegt het verstand dat bepaalde wetten de werkelijke dienstverlening in de weg staan. Zo zien wij in verzorgingshuizen dat de zorg aan mensen verknipt wordt met handelingen door verschillende mensen. In het leven kan een hand op de schouder een gebaar van vriendschap uitdrukken, maar bij een vijandige verhouding een ongewenste intimiteit. Advocaten komen er steeds meer bij omdat het aantal conflicten alleen maar toeneemt en mensen proberen via de wet hun gelijk te halen. Priesters komen wij te kort die meer aandacht vragen voor de levenshouding en achtergrond van denken en handelen. In de geest van Jezus leven betekent niet “doen waar je zin in hebt”, maar wel dat een mens zich niet gehinderd voelt om goed te doen waar dat is of gevraagd wordt. De wet blijft bestaan, maar er liefdevol mee omgaan is gave en opgave (Huub Adema)