R.K. Parochie H. Eligius Schinveld

De hemel is meer dan iets

In gesprekken over het leven na de dood, wordt vaker gezegd: “Ik weet niet of er een hemel bestaat. Er is nog nooit iemand van terug gekomen”. De huidige mens is een twijfelaar en kan zich niet over geven aan Iemand in het onbekende land. De dood is altijd een sprong in het duister. Misschien dat de mens uit het verleden te veel zocht naar voorstellingen. Er zijn prachtige schilderijen waarop te zien is hoe God de mensen, die Hem trouw zijn gebleven verwelkomt. Bij God aankomen gaat uit van een persoonlijke ontmoeting. Maar daarnaast is het ook een ontmoeting met degenen die ons in de dood zijn voorgegaan. Christenen uit de eerste eeuwen, die stierven omwille van het geloof, getuigen daar ook van: “ik zie de hemel open en Jezus staande aan Gods rechterhand”. Het geloof om thuis te komen bij God is sterker dan de angst om het leven los te laten. In het boek van de Makkabeeën vinden we terug hoe het geloof leidt tot heldhaftigheid.
Een moeder met zeven zonen bleven trouw aan de God van Abraham, Isaak en Jacob. Toen zij gedwongen werden in de tijd van de Hellenisten om offers te brengen aan de afgoden weigerden zij dit en stierven een verschrikkelijke dood. Velen waren getuige van hun geloof: de Koning der wereld zal ons, die voor zijn wetten sterven, laten opstaan tot een eeuwig leven. En een ander: “Ik heb deze ledematen van God gekregen; uit eerbied voor zijn wetten, doe ik er afstand van en hoop ze eens weer terug te krijgen. Maar durfden zelf die stap niet te zetten om trouw te blijven aan hun geloof of hadden het al vaarwel gezegd. Ook nu in het Midden Oosten zijn er heel wat christenen, die ondanks alles trouw blijven aan hun geloof
Het gesprek van Jezus met iemand van de Sadduceeën, die niet in een leven na de dood geloven, lijkt op het gesprek van velen in deze tijd. “Als een vrouw zeven keer getrouwd na het overlijden van haar man, van wie is zij bij de verrijzenis de vrouw?”. Er klinkt spot door heen en ogenschijnlijke slimheid. Jezus maakt duidelijk dat wij ons geen voorstelling kunnen maken van het leven bij God. Het is een vertrouwen dat wij bij God om een andere manier thuiskomen dan dat wij thuis zijn in de wereld. Er is geen tijd, er is geen bepaalde plek, er is geen specifieke relatie tussen mensen. Maar het is een beleving die wij nu nog niet kennen. Zich daaraan toe vertrouwen heeft alles te maken met ons geloof. Wie van God houdt, verlangt ernaar om Hem van aangezicht tot aangezicht te ontmoeten. Geloven in het leven na de dood is meer dan zeggen dat er iets moet zijn. Het is een persoonlijke ontmoeting met God wat Jezus ons heeft voorgeleefd en wat ook voor ons blijft bestaan.
Huub Adema